Joodse feest- en vastendagen

Voor de data waarop deze dagen vallen, zie: pagina met Joodse datums en feest- en vastendagen
De maanden zijn: tisjri - chesjvan - kislev - tevet - sjevat - adar - nisan - iar - sivan - tammoez - av - elloel
N.B.: bij een aantal feesten kunt u klikken op de naam voor meer informatie

1-2 tisjri ROSJ HASJANA
Rosj hasjana (= begin van het jaar) is het joods nieuwjaar. Het duurt twee dagen. Het wordt thuis gevierd met een feestelijke maaltijd, met o.a. ronde challes en honingkoek als verwijzing naar de hoop op een zoet, onafgebroken jaar. In de synagoge staat de dienst in het teken van inkeer. Er wordt honderd keer op de sjofar (ramshoorn) geblazen om de mensen als het ware wakker te schudden.
1-10 tisjri JAMIEM NORA’IEM
De Jamiem nora’iem (= geduchte dagen) zijn de 10 dagen van inkeer, van Rosj hasjana tot Jom kipoer.
3 tisjri TSOM GEDALJA
Vastendag met herdenking aan de moord op Gedalja (2 Kon. 25:22-25, Jer. 40-41)
10 tisjri JOM KIPOER
Jom kipoer (= grote verzoendag) is een dag van inkeer, en van in het reine komen met God en de medemens. De hele dag wordt gevast. Alle gebeden staan in het teken van inkeer. Men draagt in de synagoge geen schoenen met leren zolen en gaat zoveel mogelijk in het wit gekleed. Aan het einde van de dag wordt nog eens op de sjofar geblazen.
15-21 tisjri SOEKOT
Soekot (= loofhuttenfeest, lett.: loofhutten) duurt zeven dagen. Men bouwt een hut in de tuin of op het balkon. Kinderen maken tekeningen en slingers om de soeka te versieren. Men eet elke avond in de soeka. Zo gedenkt men de tijd dat de Israëlieten in de woestijn leefden in tenten of hutten. Voor Soekot maakt men ook een loelav, een bundel van een mirretak, een wilgentak, een palmtak en een etrog (een welriekende citrusvrucht). Het feest wordt afgesloten met Sjemini atseret, op 22 tisjri, en Simchat Tora, op 23 tisjri.
22 tisjri SJEMINI ATSERET
Sjemini atsèrèt (= achtste (dag als) slot-) bijeenkomst) is het slotfeest ter afsluiting van soekot.
23 tisjri SIMCHAT TORA
Simchat Tora (= Vreugde der Wet) is het feest van de vreugde over het mooiste geschenk van God aan Israël: de Tora (De boeken van Mozes, Genesis t/m Deuteronomium). Op deze dag wordt het boek Deuteronomium uitgelezen, en meteen wordt weer begonnen in Genesis. (De Tora wordt elk jaar helemaal gelezen, in vastgestelde gedeelten per week.) Vervolgens maakt met vreugdedansen met de Tora-rollen.
25 kislev - 2 tevet CHANOEKA
Chanoeka (= inwijding) is het feest van de inwijding van de Tempel. Herdacht wordt dat in 165 v.C. de Makkabeeën de Syriërs (die de Joden zwaar onderdrukten) verslagen hebben, Jeruzalem veroverd, en de Tempel opnieuw ingewijd. Bij deze herinwijding was olie nodig voor de menora (de zevenarmige kandelaar in de tempel). Er was slechts één kruikje bruikbare olie te vinden, maar door een wonder brandde de menora daarop de volle acht dagen die nodig waren om nieuwe, reine olijfolie te maken. Ter herinnering hieraan wordt elke dag van het feest een kandelaar aangestoken, elke dag één kaarsje meer, tot er acht branden. Ze worden aangestoken met een negende lichtje, de sjamasj (dienaar).
10 tevet ASARA BETEVET
Asara betevet (= 10 tevet) is een vastendag, waarop herdacht wordt het beleg van Jeruzalem dat beschreven wordt in 2 Kon. 25.
15 sjevat TOE BISJVAT
Toe bisjvat (= 15 sjevat) is aangewezen als de dag van het ‘nieuwjaar van de bomen’ - van belang voor de wetten over het afdragen van oogst aan de Tempel. Tegenwoordig wordt deze dag gevierd door het eten van fruit dat in Israel verbouwd wordt. In Israel zelf worden op Toe bisjvat vaak bomen geplant door schoolkinderen.
13 adar (2) TA’ANIET ESTER
Vastendag van Ester (vgl. Ester 4:16)
14 adar (2) POERIEM
Op Poeriem (= lotenfeest, lett: loten, vgl. Ester 9:24.26) wordt gevierd hoe Esther heeft weten te voorkomen dat de Joden in het Babylonische rijk vermoord werden. De rol van Ester (het boek Ester, in de vorm van een boekrol) wordt voorgelezen, ’s avonds en ’s morgens. Het is ook traditie je te verkleden en zgn. ‘hamansoren’ te eten. Ook word ieder geacht tsedaka (liefdadigheid) te betrachten.
15 adar (2) POERIEM SJOESJAN
Viering van Poeriem in ommuurde steden.
14 nisan TA’ANIET BECHORIEM
Ta’aniet bechoriem (= vasten der eerstgeborenen) is een vastendag ter gedachtenis aan de eerstgeborenen die stierven in Egypte.
15-21 nisan (aviv) PESACH
Pesach duurt acht dagen. Het herinnert aan de bevrijding van de Israëlieten uit de slavernij van Egypte. De viering begint met de seder-avond en -maaltijd. Rond de maaltijd (die diverse symbolische elementen heeft), staat men aan de hand van de Pesach-hagada, een speciaal boekje, stil bij de ellende in en bevrijding uit Egypte. Tijdens de acht dagen wordt niets gebruikt dat op een of andere manier gerezen of gegist is - daarom dus geen gewoon brood, maar matses. Vóór het feest wordt het hele huis ontdaan van gist (chameets).
16 nisan - 6 sivan OMER-tijd
De omer is de tijd tussen Pesach en Sjavoe’ot. De dagen worden nadrukkelijk geteld. In de omertijd wordt niet getrouwd, gefeest, of naar de kapper gegaan. Alleen op Lag ba’omer (= de 33e dag van de omer: 18 iar) worden wel huwelijken gesloten.
27 nisan JOM HASJO’A
Op Jom hasjoa (= dag van de vernietiging) worden de slachtoffers van Holokaust (moord op de Joden tijdens de tweede wereldoorlog) herdacht.
4 iar JOM HAZIKARON
Op Jom Hazikaron (= dag van gedachtenis) herdenkt Israel allen die hun leven verloren bij de verdediging van de staat Israël.
5 iar JOM HA’ATSMA’OET
Op Jom Ha’atsma’oet (= dag van de onafhankelijkheid) wordt de onafhankelijkheid van Israel als staat (sinds 5 iar 1948) gevierd. In Israël zijn er op deze dag allerlei festiviteiten en worden in synagogen extra gebeden van dank gezegd.
15 iar PESACH SJENI
Op Pesach sjeni (= tweede Pesach) vieren degenen die dat in nisan niet konden alsnog Pesach (vgl. Num. 9:9-11).
18 iar LAG BA’OMER
Op Lag ba’omer (= 33 in de omer) is een dag waarop de rouw van de omer-tijd wordt onderbroken; volgens traditie hield op die dag de pest op waaraan een groot aantal leerlingen van rabbi Akiva overleed.
28 iar JOM JEROESJALAJIM
Op Jom Jeroesjalajim (= dag van Jeruzalem) wordt de hereniging van Jeruzalem in 1967 gevierd.
6-7 sivan SJAVOE’OT
Op Sjavoe’ot (= wekenfeest, lett.: weken) herdenkt men dat de Israëlieten zeven weken na de uittocht de Tora ontvingen bij de berg Sinai. Het feest duurt twee dagen. Het is de gewoonte een nacht door te leren uit de Tora.
17 tammoez SJIVA-ASAR BETAMMOEZ
Sjiva-asar betammoez (= 17 tammoez) is, naast Tisja be’av, een vastendag waarop meerdere zaken worden herdacht, o.a. dat een bres werd geslagen in de muur van de stad Jeruzalem. De Talmoed noemt meer, o.a. ook dat op deze datum Mozes de eerste twee stenen tafelen die hij kreeg op de Sinai verbrijzelde, woedend over het gouden kalf (Exod. 32).
In Zacharia 8:19 wordt gesproken over ‘het vasten der vierde, vijfde, zevende en tiende maand’ - dat zijn resp.: tammoez, av (tisja be’av, zie hieronder), tisjri (tsom Gedalja en tevet (asara betevet).
9 av TISJA BE’AV
Tisja be’av (= 9 av) is, na Jom kipoer, de belangrijkste vastendag. De verwoesting van de tempel wordt herdacht. Te denken is aan de eerste tempel, in 587 v.C., en aan de tweede tempel, in 70 n.C. De Talmoed noemt nog meer, o.a. dat Betar werd ingenomen (in 135 n.C.; daarmee kwam een eind aan de opstand onder Bar Kochba) en dat de Israëlieten het beloofde land niet binnen wilden gaan (Num 14). Later werd op deze joodse datum in 1492 het decreet uitgevaardigd om alle Joden uit Spanje te verbannen.