Joodse datum

14 adar 5779

ֹBijbeltekst

Giften

U kunt ons op verschillende manieren financieel steunen.


Wij hebben een ANBI-status, waar­door giften fiscaal aftrek­baar zijn.


Vrede over Israël, jrg. 54 no. 5
Van de redactie


In jaargang 54 houden we ons bezig met de vraag ‘hoe leest gij? Wat staat in de wet geschreven?’ Joden en Christenen lezen, voor een deel, dezelfde bijbel. De Tenach of het Oude Testament. Toch is hun wijze van lezen heel verschillend.

De onderscheiden manier van lezen wordt stellig mede bepaald door de context waarbinnen men leeft. De religie die men aanhangt, het volk waartoe men behoort, de politieke en culturele situatie, het zijn allemaal factoren die de leeswijze beïnvloeden. De artikelen in dit nummer van Vrede over Israël geven er blijk van.


Drs. Robert Jansen verzorgt als deputaat de Schriftstudie. In Kinderen van de duivel?, naar aanleiding van een twistgesprek van Jezus met Joodse bezoekers van de Tempel te Jeruzalem, komt een kritische vraag aan de orde. Worden Jezus daar door Johannes anti-Joodse woorden in de mond gelegd, zoals door verklaarders wel wordt beweerd? Of is hier iets anders aan de hand? In ieder geval zal blijken, dat wie verklaart, een interpretatie geeft.


Drs. Florimco van der Rhee beschrijft in ‘Jeruzalem, dat ik bemin...’ de betekenis van Jeruzalem in de beleving van jodendom en christendom. De bril waardoor men kijkt — wel of niet via het Nieuwe Testament - blijkt die betekenis een eigen kleur te geven.


Drs. Robert Jansen laat in een ander artikel van zijn hand, getiteld Broederkus?, zien welke rol de context waarin men leeft kan spelen. Waarom kijken Westerse christenen anders tegen de Thora en het Joodse volk aan dan Palestijnse christenen? En hoe moet de ‘broederkus’ van een orthodox Joodse rabbi met betrekking tot Jezus geduid worden? Het zijn indringende vragen die ons aan het denken willen zetten.


Willy Lindwer, cineast, fotograaf en schrijver, geeft n.a.v. van de opening van de tentoonstelling Synagogen in de mediene (provincie) in de Sjoel te Elburg, een impressie over de manier waarop hij naar het nog bestaande Joodse erfgoed kijkt. Nu, na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog, kunnen wij als christenen hem daarin goed aan­voelen en met hem meevoelen. Toch komt de vraag op of wij levend in de context van voor de oorlog dezelfde warme sympathie zouden voelen?