Joodse datum

19 adar 5779

ֹBijbeltekst

Giften

U kunt ons op verschillende manieren financieel steunen.


Wij hebben een ANBI-status, waar­door giften fiscaal aftrek­baar zijn.


VERNIEUWING DOOR OMKEER - Abraham Joshua Heschel


Hieronder een vooraankondiging van ‘Vernieuwing door Omkeer’, gevolgd door informatie over de auteur ervan, Abraham Joshua Heschel, geschreven door C.J. van den Boogert.


VERNIEUWING DOOR OMKEER

Publicatie in het Nederlands van De Profeten van Abraham Joshua Heschel


Omkeer kan vernieuwing te weeg brengen. In Reformatorische kring werd ge­opperd dat de kerk, die zich in een crisis bevindt, terug zou moeten naar de rijkdom van de Reformatie. Een terugkeer die verder gaat is waarschijnlijk nog meer zinvol: terugkeer tot de wortels van de kerk, de Joodse moedergrond. Inspirerend hierbij kan zijn het befaamde werk De Profeten van Abraham Joshua Heschel, één van de meest prominente Joodse theologen en filosofen van de 20e eeuw. Volgens hem is de boodschap van de profeten voor alle tijden en de toe­komst van de Westelijke wereld zal afhangen van de wijze waarop wij met de Hebreeuwse Bijbel omgaan, een Bijbel waarin de profeten ons Gods stem laten horen wanneer Hij spreekt voor de stemlozen, armen en verdrukten. “De mate waarin de christenheid zich met de Hebreeuwse Bijbel vereenzelvigt, is”, aldus Heschel, “zowel een toets voor haar authenticiteit als voor de Joodse.”

Het ontbreken van een dergelijke vereenzelviging kan men zien als één van de voornaamste oorzaken van de huidige malaise van de kerk.


De Profeten van Heschel was voor velen minder toegankelijk omdat een Nederlandse vertaling tot dusver ontbrak. Ten einde hierin verandering te brengen, is in de Commissie Kerk en Israël Noord West Veluwe de Stichting De Profeten NU opgericht met een commissie van aanbeveling.


De inspanningen van de stichting hebben er toe geleid dat in het najaar De Profeten in het Nederlands verschijnt bij Skandalon te Vught, een uitgeverij van boeken uit de tradities van christendom, jodendom en islam welke een bijdrage leveren aan een humane samenleving.


Het boek kunt u nu tegen een voorintekenprijs van € 35,- plus € 7,50 verzend­kosten bestellen door het totaalbedrag van € 42,50 over te maken naar bank­rekening nr. 152 503 498 t.n.v. Stichting De Profeten NU. Graag tevens uw postadres aan het secretariaat doorgeven: louisekatus@hotmail.com.


Abraham Joshua Heschel


Abraham Joshua Heschel werd in 1907 geboren in Polen. Hij studeerde in Berlijn, werkte een tijdlang in Frankfurt en ontkwam ternauwernood aan de verschrikkingen van de tweede wereldoorlog, door nog precies op tijd naar Amerika te vertrekken. Daar werkte hij het grootste deel van zijn leven in New York. Hij overleed in 1972.


Heschel stamt uit een chassidisch geslacht, uit een familie die een grote rol speelde in de beweging van het chassidisme. Het chassidisme is een Joodse religieuze beweging, ontstaan in het begin van de achttiende eeuw in Polen, die wereldwijd een grote vlucht nam. In deze stroming staat de blijmoedigheid van het geloof centraal. Zowel van zijn vaders als van zijn moeders kant stond hij in relatie tot de grote rebbes van het chassidisme, o.a. van de stichter van de beweging: Israël Eliëzer, de Ba’al Sjem Tov uit Medzibusz. Naast het aspect van de blijmoedigheid speelde bij zijn opvoeding en vorming radicale nederigheid en waarachtige vroomheid een grote rol.

Er was voor Heschel dus aanvankelijk een grote rol binnen het chassidisme weggelegd. Toch ging zijn aandacht op een zeker moment een geheel andere kant op. Hij ging zich bezighouden met het wereldse wetenschappelijke denken. Zo verhuisde hij naar Vilna in Litauen waar hij zich inschreef aan een school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs. Naast het Jiddisch, dat tot nu toe zijn — enige — moedertaal was geweest, ging hij zich nieuwe talen eigen maken. Boven­dien heerste er in de Joodse kringen waar Heschel nu contact mee kreeg een veel intellectuelere en modern vrijzinniger geest. De leef-horizon van Heschel werd verruimd. Na afronding van zijn studie in Vilna ging hij naar Berlijn. Hier schreef hij zich in aan de seculier wetenschappelijke en op theologisch vlak christelijke (!) universiteit én aan de liberaal-moderne, Reform georiënteerde Hochschule für Jüdische Wissenschaft. In die tijd meed hij de chassidische groepen. Heschel werd een echte ‘wereld-tsaddiek’. Hij studeerde naast semitische taal- en letterkunde, kunstgeschiedenis en filosofie, vooral ook christelijke theologie en moderne, historisch-kritische Bijbelwetenschap.

Er ontstond een polariteit in zijn denken, een tegenstelling tussen geloof en verstand, religie en wetenschap. Welke van de twee polen zou het winnen? Het religieuze en synagogale of het wereldse wetenschappelijke? Of zou hij beide in zich kunnen verenigen? Hij raakte in een crisis. Een bijzondere ervaring maakte een einde aan deze crisis. Hij beschrijft die ervaring in zijn boek in het licht van Zijn aangezicht, pag. 90ev.:

“In die maanden in Berlijn beleefde ik momenten van grote bitterheid. Ik voelde me heel erg alleen met mijn eigen problemen en angsten. Menigmaal, na de colleges, wandelde ik alleen door de schitterende straten van Berlijn. Ik bewonderde de degelijkheid van de architectuur en de overweldigende stuwkracht van een dynamische beschaving. Er waren concerten, toneel­stukken te kust en te keur, en niet te vergeten tal van lezingen door beroem­de geleerden over de nieuwste theorieën en uitvindingen.
Op een keer, terwijl ik zo aan het einde van de dag door het drukke uitgaans­centrum liep, en mezelf afvroeg of ik naar een première in het theater van Max Reinhardt of naar een lezing over de relativiteits­theorie zou gaan, merkte ik ineens dat de zon reeds was ondergegaan en het avond geworden was. ‘Vanaf welk moment mag men het Sjema in de avond zeggen?’ — Ik was God vergeten, ik was Sinai vergeten, ik was vergeten dat de zonsondergang mij iets aangaat, dat het mijn taak is «de wereld terug te brengen tot het koningschap van de Heer». En ik begon de woorden van het avondgebed te zeggen. ‘Gezegend zijt Gij, Heer onze God, Koning der wereld, die door Zijn woord de avond doet aanbreken’. Toen schoot me de beroemde versregel van Goethe door het hoofd: ‘Ueber alle Gipfeln ist Ruh’’, over alle heuvel­toppen is rust. Maar nee, dat was heidens denken. Voor het heidense oog is het geheim van het leven Ruh’, dood, vergetelheid. Voor ons joden ligt er achter het geheimenis een zin, een betekenis. Wij zouden zeggen: ‘Over alle heuveltoppen is Gods Woord’.
De zin van het leven ligt in het doen van Zijn wil... (Het) is Gods verlangen dat ik bid. (...) Die avond in de straten van Berlijn was ik niet in de stemming om te bidden. Mijn hart was zwaar, mijn ziel bedroefd. De verheven woorden van het gebed konden maar moeilijk door de donkere wolken van mijn binnenste heenbreken. Maar: hoe zou ik het wagen niet te bidden? Hoe zou ik het wagen een avondgebed over te slaan? Uit ‘ema’, uit vrees voor God zeggen we het Sjema.


Heschel had zijn roeping (terug-) gevonden. En Heschel weet nu geloof en weten­schap te verenigen. In zijn dissertatie De Profeten laat hij dat op ‘wetenschap­pe­lijke wijze’ zien. Hij gaat schrijven over het bewust­zijn (!) van de oudtestamen­ti­sche profeten van voor de ballingschap. De profeten waren er namelijk op uit om in een situatie, dat het leven zonder innerlijke betrokkenheid op God in verval lijkt te komen, hun volk tot en nieuw religieus elan op te roepen. Zo kan de dissertatie van Heschel behulpzaam zijn om in onze geseculariseerde samenleving op God en op de naaste betrokken te blijven.