pijl omhoog
jaar maand maand jaar


tammoez / av 5780

Z

M

D

W

D

V

Z

sjabbat

1

9

tammoez

 

woensdag

2

10

tammoez

 

donderdag

3

11

tammoez

 

vrijdag

4

12

tammoez

 

zaterdag

חקת
Num. 19:1-22:1
Richt. 11:1-33
בלק
Num. 22:2-25:9
Micha 5:6-6:8
choekat * Balák

5

13

tammoez

 

zondag

6

14

tammoez

 

maandag

7

15

tammoez

 

dinsdag

8

16

tammoez

 

woensdag

9

17

tammoez

vasten in tammoez

 

donderdag

10

18

tammoez

 

vrijdag

11

19

tammoez

 

zaterdag

פינחס
Num. 25:10-30:1
1Kon. 18:46-19:21
Pinchas

12

20

tammoez

 

zondag

13

21

tammoez

 

maandag

14

22

tammoez

 

dinsdag

15

23

tammoez

 

woensdag

16

24

tammoez

 

donderdag

17

25

tammoez

 

vrijdag

18

26

tammoez

 

zaterdag

מטות
Num. 30:2-32:42
Jer. 1:1-2:3
מסעי
Num. 33:1-36:13
Jer. 2:4-28, 3:4
matót * mas’ée

19

27

tammoez

 

zondag

20

28

tammoez

 

maandag

21

29

tammoez

 

dinsdag

22

1

av

 

woensdag

23

2

av

 

donderdag

24

3

av

 

vrijdag

25

4

av

 

zaterdag

דברים
Deut. 1:1-3:22
Jes. 1:1-27
devariem

26

5

av

 

zondag

27

6

av

 

maandag

28

7

av

 

dinsdag

29

8

av

 

woensdag

30

9

av

tisja be’av

 

donderdag

31

10

av

 

vrijdag

Aanwijzingen:

  • In de datumvakjes staat centraal de dag naar onze telling, en rechts daarvan de Joodse datum.
  • Onder ‘sjabbat’ zie je op de onderste regel een Hebreeuws woord: dat is de naam van de parasja van de week. Als je de cursor daarboven laat rusten krijg je de te lezen Bijbelgedeelten.
  • Over een dagnummer kan de naam van een joodse feest- of vastendag staan; klik voor informatie.
  • Bij de zondagen zie je links een balk met de liturgische kleur.