jaar maand maand jaar


tevet / sjevat 5779

Z
M
D
W
D
V
Z
met telkens de
parasja van de week
sjabbat
1
24
tevet

 

dinsdag
2
25
tevet

 

woensdag
3
26
tevet

 

donderdag
4
27
tevet

 

vrijdag
5
28
tevet

 

zaterdag
וארא
Ex. 6:2-9:35
Ezech. 28:25-29:21
wa’erá
6
29
tevet

 

zondag
7
1
sjevat

 

maandag
8
2
sjevat

 

dinsdag
9
3
sjevat

 

woensdag
10
4
sjevat

 

donderdag
11
5
sjevat

 

vrijdag
12
6
sjevat

 

zaterdag
13
7
sjevat

 

zondag
14
8
sjevat

 

maandag
15
9
sjevat

 

dinsdag
16
10
sjevat

 

woensdag
17
11
sjevat

 

donderdag
18
12
sjevat

 

vrijdag
19
13
sjevat

 

zaterdag
בשלח
Ex. 13:17-17:16
Richt. 4:4-5:31
besjalàch
20
14
sjevat

 

zondag
21
15
sjevat

 

maandag
22
16
sjevat

 

dinsdag
23
17
sjevat

 

woensdag
24
18
sjevat

 

donderdag
25
19
sjevat

 

vrijdag
26
20
sjevat

 

zaterdag
יתרו
Ex. 18:1-20:23
Jes. 6:1-7:6, 9:5
Jitro
27
21
sjevat

 

zondag
28
22
sjevat

 

maandag
29
23
sjevat

 

dinsdag
30
24
sjevat

 

woensdag
31
25
sjevat

 

donderdag

Aanwijzingen:

  • In de datumvakjes staat centraal de dag naar onze telling, en rechts daarvan de Joodse datum.
  • Onder ‘sjabbat’ zie je op de onderste regel een Hebreeuws woord: dat is de naam van de parasja van de week.
    Als je de cursor daarboven laat rusten krijg je de te lezen Bijbelgedeelten.
  • Over een dagnummer heen kan de naam van een joodse feest- of vastendag staan; klik voor informatie.