omhoog

‘Eindelijk, eindelijk’

Vier reacties op de verklaring


Andries Knevel

Nalatigheid, schuld en schaamte. Het zijn terechte woorden voor de houding van de kerk richting het Joodse volk, in de tijd, voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. Waar we gelukkig dankbaarheid mogen uitspreken voor de moed van hen, die soms hun leven gaven voor hun Joodse medeburger.

Ik ben dankbaar voor deze verklaring. Hij komt te laat voor de meeste over­levenden van de vervolging en ook dat is beschamend, maar het stemt tot nederige dankbaarheid dat er een handreiking is gekomen.

De laatste jaren houden de Holocaust en de nasleep me in toenemende mate bezig. Toen ik de verklaring voor het eerst las, raakte ik ontroerd. Ik deel in de schuld en ben dankbaar dat anderen de juiste toon hebben getroffen en er indringende woorden aan hebben gegeven. Eindelijk, eindelijk.


Marjolein Hooydonk-Rietveld

Het lezen van de schuldbelijdenis voor al het onrecht wat het Joodse volk ten tijde van de holocaust is aangedaan, maakt mij stil. Want wat had ik gedaan als ik daar en toen geleefd had? Tegelijkertijd realiseer ik me dat het gif van de Jodenhaat zich al eeuwenlang verspreidt, binnen en buiten de kerk. Het antisemitisme is pijnlijk genoeg springlevend. Heb ik het lef om op te komen voor wie gepest, getreiterd en gehaat worden?

Het lied 'Lord have mercy' van Adrian Snell komt in mijn gedachten. 'We your people bow before you, broken and ashamed. We have turned on your creation, crushed the life you freely gave. Lord forgive us, and our lives and faith renew.' Geef ons nu en altijd een open hart en open ogen voor Uw oogappel, het Joodse volk.


Dies Koole (geb. 1926)

In de verklaring vind ik te weinig uitkomen dat er in het geheim op individueel niveau bescherming is geboden; die uitzonderingen waren talrijker dan in de verklaring uitkomt. Omdat dit alles in het geheim gebeurde, is er weinig van bewaard gebleven in het publieke geheugen. Maar ik herinner mij nog goed de namen van landgenoten die met succes Joden verborgen wisten te houden.

Ik heb waardering voor de bewogenheid van de initiatiefnemers van deze schuldbelijdenis. Maar heeft dit na zo lange tijd nog zin? Het schuldbesef waartoe nu wordt opgeroepen, had er toen moeten zijn. Veel Nederlanders zijn destijds echter ook misleid door de Duitse verklaring dat de Joden elders voor werkzaamheden zouden worden ingezet. Slechts zeer weinig kerkgangers hebben zelf nog de Joden­vervolging meegemaakt. Kunnen zij deze belijdenis doen en dit gebed van harte meebidden?


Gerard den Hertog

Het is goed en belangrijk dat voor God en de mensen het verleden wordt opgehaald en schuld en nalatigheid worden benoemd en beleden! Of de insteek bij 'nalatigheid' altijd ter zake is en de kern treft? Zijn degenen die niet fel protesteerden, in het besef dat ze daarmee de door de bezetter gevrijwaarde groep van gedoopte Joden in gevaar zouden brengen, nalatig geweest? Hangt dat niet af van de vraag of ze zich al dan niet metterdaad voor Joden hebben ingezet?

Alleen van 'nalatigheid' te spreken geeft de indruk dat het probleem in het 'leven' zat, dat de 'leer' wel goed was. Maar hebben niet velen in de kerk Israël wegge­schreven uit Gods heilsweg, met als consequentie dat men de Sjoa als Gods oordeel over Israël duidde en afzijdig bleef?

vier reacties
Verbonden jrg. 64 nr. 4 (nov. 2020)
www.kerkenisrael.nl/verbonden

verbonden