jaar maand maand jaar


elloel 5779/ tisjri 5780

Z
M
D
W
D
V
Z
met telkens de
parasja van de week
sjabbat
1
1
elloel

 

zondag
2
2
elloel

 

maandag
3
3
elloel

 

dinsdag
4
4
elloel

 

woensdag
5
5
elloel

 

donderdag
6
6
elloel

 

vrijdag
7
7
elloel

 

zaterdag
שפטים
Deut. 16:18-21:9
Jes. 51:12-52:12
sjoftíem
8
8
elloel

 

zondag
9
9
elloel

 

maandag
10
10
elloel

 

dinsdag
11
11
elloel

 

woensdag
12
12
elloel

 

donderdag
13
13
elloel

 

vrijdag
14
14
elloel

 

zaterdag
כי־תצא
Deut. 21:10-25:19
Jes. 54:1-10
ki teetsée
15
15
elloel

 

zondag
16
16
elloel

 

maandag
17
17
elloel

 

dinsdag
18
18
elloel

 

woensdag
19
19
elloel

 

donderdag
20
20
elloel

 

vrijdag
21
21
elloel

 

zaterdag
כי־תבוא
Deut. 26:1-29:8
Jes. 60:1-22
ki tavó
22
22
elloel

 

zondag
23
23
elloel

 

maandag
24
24
elloel

 

dinsdag
25
25
elloel

 

woensdag
26
26
elloel

 

donderdag
27
27
elloel

 

vrijdag
28
28
elloel

 

zaterdag
נצבים
Deut. 29:9-30:20
Jes. 61:10-63:9
nitsavíem
29
29
elloel

 

zondag
30
1
tisjri

 

maandag

Aanwijzingen:

  • In de datumvakjes staat centraal de dag naar onze telling, en rechts daarvan de Joodse datum.
  • Onder ‘sjabbat’ zie je op de onderste regel een Hebreeuws woord: dat is de naam van de parasja van de week.
    Als je de cursor daarboven laat rusten krijg je de te lezen Bijbelgedeelten.
  • Over een dagnummer heen kan de naam van een joodse feest- of vastendag staan; klik voor informatie.