jaar maand maand jaar


tevet / sjevat 5781

Z
M
D
W
D
V
Z
met telkens de
parasja van de week
sjabbat
1
17
tevet

 

vrijdag
2
18
tevet

 

zaterdag
ויחי
Gen. 47:28-50:26
1Kon. 2:1-12
wajechí
3
19
tevet

 

zondag
4
20
tevet

 

maandag
5
21
tevet

 

dinsdag
6
22
tevet

 

woensdag
7
23
tevet

 

donderdag
8
24
tevet

 

vrijdag
9
25
tevet

 

zaterdag
10
26
tevet

 

zondag
11
27
tevet

 

maandag
12
28
tevet

 

dinsdag
13
29
tevet

 

woensdag
14
1
sjevat

 

donderdag
15
2
sjevat

 

vrijdag
16
3
sjevat

 

zaterdag
וארא
Ex. 6:2-9:35
Ezech. 28:25-29:21
wa’erá
17
4
sjevat

 

zondag
18
5
sjevat

 

maandag
19
6
sjevat

 

dinsdag
20
7
sjevat

 

woensdag
21
8
sjevat

 

donderdag
22
9
sjevat

 

vrijdag
23
10
sjevat

 

zaterdag
24
11
sjevat

 

zondag
25
12
sjevat

 

maandag
26
13
sjevat

 

dinsdag
27
14
sjevat

 

woensdag
28
15
sjevat

 

donderdag
29
16
sjevat

 

vrijdag
30
17
sjevat

 

zaterdag
בשלח
Ex. 13:17-17:16
Richt. 4:4-5:31
besjalàch
31
18
sjevat

zondag

Aanwijzingen:

  • In de datumvakjes staat centraal de dag naar onze telling, en rechts daarvan de Joodse datum.
  • Onder ‘sjabbat’ zie je op de onderste regel een Hebreeuws woord: dat is de naam van de parasja van de week.
    Als je de cursor daarboven laat rusten krijg je de te lezen Bijbelgedeelten.
  • Over een dagnummer heen kan de naam van een joodse feest- of vastendag staan; klik voor informatie.